![]()
Donderdag 19 Apr.
Om half 8 opgestaan. Boterhammen met kaas en honing gegeten, die we bij Ernst gesnaaid hadden. Daarna wat rondgelopen. Overal stonden tanks en gepanzerde manschapswagens. Vliegtuigen natuurlijk voortdurend, evenals andere dagen. Alle soldaten zwart van het stof. De Russen zaten toen bij Dahmsdorf en voor Müncheberg, dat zelf behoorlijk in brand stond, evenals een paar Veldscheunen. We hebben nog een zak soja gehaald en zijn toen naar de Behelfsheimen gegaan om een kacheltje te halen, zodat we konden koken. Natuurlijk kwam er toen juist een luchtgevecht en bombardement, zodat we een loopgraaf ingedoken zijn. Verder het gewone artillerievuur met een paar fluitende granaten, waar we ons al weinig meer van aan trokken. 's Middags kwam er toen een behoorlijk bombardement waarbij de granaten overal om ons heen insloegen. Om 10 voor half 3 hoorden we buiten roepen dat ze wilden "abhauen", waarop ook inderdaad zo het een en ander weg ging. Een paar soldaten kwamen nog in de kelder om te zeggen, dat wanneer we nog weg wilden, het nu de hoogste tijd was. Om 4.25 uur zag ik een paar zware tanks wegrijden, die bij de Futterpflanzen de aftocht hadden gedenkt. Het geheel onder zware beschieting. Om 6.20 kwam Piet naar beneden om te zeggen dat hij de eerste Russische soldaat gezien had, die erg vriendelijk was en hem prompt zijn polshorloge afpikte. Nu vraag ik je!! Om 7.20 uur de eerste Russen bij ons in de kelder gekomen. Kleine dikke kereltjes, in bruine uniformen met een machinepistool. Wij direct met een kaart naar de Lup afd om een onderofficier te wijzen, waar wij de loopgraaf hadden gegraven en wat de moffen ons nog meer verteld hadden. Ze waren echter behoorlijk op de hoogte, de loopgraaf was al op de kaart gezet! Ondertussen gaat het geschiet gewoon verder. In de Lup afd werd meteen het portret van Hitler op de grond kapot gegooid. Wij hebben de bevrijding gevierd met boterhammen met dik boter en worst en een glas wijn. De lui gappen echter als de raven. 's Avonds kregen we een stuk of 7 op bezoek, die een harmonica meebrachten. Het was van alles door elkaar: een kaptein, een luitenant en de rest soldaten. Ze maakten er een gezellige pan van. Een had een kussensloop met koekjes zodat we behoorlijk gegeten hebben. Toen die om 12 uur weg waren, zijn we gaan pitten. We werden een paar keer gestoord, doordat soldaten naar beneden kwamen. Een van hen ging er met mij koffer vandoor, maar Vera kon het nog net verhinderen. Midden in de nacht kwamen er weer 2 naar beneden die bezopen waren, eerst een tijd hebben staan kletsen en toen de meisjes meenamen. Na een uur kwam Simanske terug, maar Vera bleef weg, waarover we behoorlijk in de piepzak zaten. Tot slot van vermoeidheid ingeslapen.
Vrijdag 20 Apr.
's Morgens vroeg kwam Vera huilend terug en vertelde dat die bezopen kerel haar had willen verkrachten. Ze had zich echter te weer gesteld en de revolver uit zijn hand geslagen! Vlak daarop het bericht dat we direct weg moesten naar Küstrin. Wij hebben toen onze spullen gepakt. Ik heb overal gezocht naar een wagen, maar niets kunnen vinden. We zijn toen weggegaan met de fietsen en een kruiwagen. Door de consternatie ben ik verschillende dingen vergeten, zoals Sybilles armbandje, mijn addressen boekje, mijn mes. Daar de weg naar Müncheberg en de stad zelf niet veilig waren, zijn we langs de veldwegen gegaan. Daarbij moesten we achter het Russen kerkhof door de opmarsweg van een troep tanks, wat minder leuk was. Alles is echter goed gegaan. Daarna kwamen we een officier tegen, die ons naar een huis bracht, waar we moesten wachten. Daar hebben we gestaan van 8 tot 2.30 uur, nadat de meisjes weggehaald waren. Enfin, eindelijk kwamen ze terug en mochten we verder met een soldaat als begeleiding. We werden naar Trebnitz waar we eerst bij een stel krijgsgevangenen werden geduwd. Namen opgeschreven. Daarna moesten we met ons vieren naar een schuurtje, terwijl de meisjes met de krijgsgevangenen mee moesten. Die zien we niet meer terug. Wij moesten dat schuurtje uitruimen en daarna een klein schuilgaatje graven voor eventuele bombardementen. We waren natuurlijk erg moe en gingen vroeg naar bed, na ons eerst gewassen te hebben. De tolk, die de hele tijd bij ons was bracht ons nog in de maneschijn naar de officierskeuken waar we uitstekend gegeten hebben met veel spek.
Zaterdag 21 Apr.
Heerlijk geslapen. Het weer werkte echter niet mee, want het regende. We hebben eerst wat rondgehangen tot de tolk kwam die ons zei dat we ons klaar moesten maken, en toen dat gebeurd was konden we weg gaan naar Küstrin. Onze wagen en fietsen waren natuurlijk gegapt, zodat we de zaak op de rug moesten nemen. Daardoor is heel wat achter gebleven. Toen we een tijdje gelopen hadden vonden we in een dorpje een wagentje waar we de spullen opgeladen hebben en toen verder zijn getrokken. De hoofdweg mochten we niet volgen, hoewel we het telkens probeerden, maar we werden er steeds afgestuurd. Onze spullen kletsnat en ons humeur ook niet schitterend. De wegen werden hoe langer hoe beroerder zodat toen we in een dorp kwamen 5 km van Seelow, we niet verder wilden. Gerrit is naar de kommandant gegaan, en het bleek dat we daar konden overnachten. Toen we in de schuur kwamen, bleek dat daar al een hoop lui vnl. Polen aanwezig waren. We kregen daar ook een pan met soep. Daarna naar bed. In deze omgeving is ook zwaar geknokt, overal lagen stukgeschoten tanks vnl. Russen en ook vele lijken en hopen cadavers van paarden en koeien.
Zondag 22 Apr.
's Morgens vroeg hoorden we dat er nog 2 Hollanders in de schuur zaten waar we even mee gepraat hebben. Daarna de zaakjes op een andere wagen geladen, die we van een Pool gekregen hadden en die iets steviger was als onze vorige. Toen we echter weg wilden gaan werden we door de Russen teruggestuurd. We hebben de wagen toen in de schuur gereden en afgewacht. We moesten toen een massagraf graven voor 8 Russen. Ik heb nooit gedroomd dat ik nog eeds doodgraver zou worden! Daarna afgewacht en aan het koken geslagen. Aardappels waren er genoeg, een koe was geslacht, hout en stenen waren er ook, wat wil je nog meer. 's Middags moesten we weer op komen draven, nu om paarden, koeien en ossen te begraven. Deze dieren werden in granaattrechters en slootjes gesleept en dan een laagje zand er over. We zijn niet klaar gekomen, maar tegen de avond zijn we er mee gekapt. Piet had voor onze spulletjes gezorgd. Gegeten en naar bed.
Copyright ©1945 by Albert Grivel. All rights reserved. Please contact egrivel@acm.org for information.